Kunstboeken

Het ontstaan en de geschiedenis van de kunstenaarskolonie te Sint-Martens-Latem is zo een uitgebreid en boeiend gegeven dat het u ook niet zal verwonderen dat het aantal publicaties over dit onderwerp haast niet meer te overzien is.

Naast het globale overzicht over het reilen en zeilen binnen de kunstenaarsgemeenschap van Sint-Martens-Latem, heeft het individuele levensverhaal van elke kunstenaar op zich reeds aanleiding gegeven tot het uitgeven van talrijke catalogussen en monografieën.

In samenwerking met uitgeverij Lannoo heeft Galerie Oscar De Vos de uitgave verzorgd van enkele publicaties.

Boyens, Piet, "Sint-Martens-Latem: Kunstenaarsdorp in Vlaanderen", Lannoo, Tielt, 1992

cover-pb

Sinds het verschijnen van de gerespecteerde standaardwerken door André De Ridder en Paul Haesaerts zijn de inzichten over het kunstenaarsdorp aan de Leie veranderd. Deze publicatie probeert een nieuwe kritische toets aan het fenomeen 'Sint-Martens-Latem te geven. Is het Latems avontuur een collectieve onderneming, uitgevoerd in een bijzonder geestelijk klimaat, of slechts een toevallige samenloop van strikt individuele prestaties ? Hoe heeft de dagelijkse omgang met elkaar, het contact met het landschap en de dorpsgemeenschap van Latem ingewerkt op het gemoed van de kunstenaars en hun artistieke denkbeelden gewijzigd ? Welke is de betekenis van Sint-Martens-Latem binnen het raamwerk van de moderne kunst in Vlaanderen ? Die vragen zijn een antwoord méér dan waard. Laat ons trachten aan de hand van de kunstwerken zelf het delicate antwoord te vinden.

Behalve het oeuvre zelf is secundair bronnen- en archiefmateriaal bij het onderzoek betrokken, het biedt op de achtergrond regelmatig steun bij de oordeelsvorming. Zo is de tweedeling van het boek ontstaan. Op grond van het beschikbare biografische materiaal is in deel I Kroniek van een kunstenaarsdorp een overzicht samengesteld dat in ruime zin vijftig jaar geschiedenis (1895-1945) van een artiestenkolonie probeert te exploreren en af te bakenen. Pas tegen de achtergrond van een breed opgevat, historisch relaas is het mogelijk om het blijvende van het voorbijgaande te scheiden.

Deel 2, de kunsthistorisch analyse Eenheid en verscheidenheid, concentreert zich op de jaren tussen 1895 en 1925. Vooral binnen deze tijdspanne is een beperkt stroomgebied aan de Leie, met Sint-Martens-Latem als 'bezield midden', het toneel voor een deels toevallig, maar gelukkig samentreffen van een aantal schilders, beeldhouwers en letterkundigen. Met wisselende kracht bedeelt die kleine wereld van prominenten en figuranten de stromingen, welke gedurende het eerste kwart van de twintigste eeuw de schilder- en beeldhouwkunst in Vlaanderen hebben bewogen : het impressionisme, het symbolisme en het expressionisme. Uit een uitvoerige bespreking van de kunstwerken zal blijken, dat die kunstenaarsgemeenschap nu eens duidelijke historische accenten zet, dan weer slechts lichte nuances aanbrengt. In ieder geval licht een aantal momenten herkenbaar op.

Over de auteur : Piet Boyens (Spaubeek, Nederland 1947) studeerde kunstgeschiedenis en archeologie aan de KU Nijmegen, schreef een doctoraalscriptie en een monografie-oeuvrecatalogus over Gust. De Smet (Antwerpen, 1989). Met Hans Bosschaert schreef hij een monografie over Leon De Smet (Tielt, 1994). Verder voltooide hij in 1994 een standaardwerk over het Expressionisme in Nederland (Zwolle, 1994).

Technische gegevens :

  • formaat 250x330 mm
  • omvang: 520 bladzijden
  • Herdruk enkel beschikbaar in Nederlands. (eerste druk 1992)
  • Afwerking: gebonden in vollinnen band, met geplastificeerde stofomslag. Verpakt in krimpfolie.
  • Grafische vormgeving: Geert Verstaen
  • Prijs € 75,00

Dit boek kan besteld worden door overschrijving van € 75,00 op rekening 290-0389000-51 t.n.v. NV Galerij Oscar De Vos met vermelding van uw correcte adresgegevens. Het kunstboek wordt u dan binnen de week zonder bijkomende kosten toegestuurd.

Wenst u dit boek als relatie- of nieuwjaarsgeschenk aan te bieden, dan voorzien wij mooie kortingen vanaf een bestelling van vijf kunstboeken. U kunt hiervoor telefonisch contact opnemen met de galerij via het nummer +32 (0)9 281 11 70.

 

 

De Smet, Johan, "Sint-Martens-Latem en de kunst aan de Leie (1870-1970)", Lannoo, Tielt, 2000.

cover-jds

"WE ZIJN DRUK AAN 'T WERK HOOR, MET INPAKKEN NAMELIJK, WANT TOEKOMENDE WEEK VERTREKKEN WE UIT GENT, VERHUIZEN WE, NAAR HET LAND VAN BELOFTEN, NAAR SINTE-MAERTENS-LAETHEM; WE ZIJN ER REEDS OPGESCHREVEN ALS VASTE INWONER, REEDS 'INGEBURGERD'; IN GENT HEBBEN ZE MET ONS NIETS MEER TE MAKEN: WE ZIJN VRIJE LAETHEMENAARS"

Aldus verhaalde Karel van de Woestijne in februari 1900 zijn enthousiasme bij het vertrek naar Sint-Martens-Latem. Van de Woestijne vond er Valerius De Saedeleer, en vooral George Minne terug. Maar aan de groep die rond de eeuwwisseling het dorp verlevendigde, ging een pleiade van kunstenaars vooraf die vanaf de jaren zestig van de 19de eeuw in de Leie-regio actief was. Toen reeds trok de idyllische Leiestreek landschapscoryfeeën als Xavier en César De Cock aan, en in wezen waren zij de protagonisten van een lange traditie die zich tot ver in de 20ste eeuw uitstrekte.

Dit boek wil zich geenszins beperken tot vage omschrijvingen of lyrische lofuitingen, maar wil integendeel vanuit de demystificatie van het begrip 'Sint-Martens-Latem' de belanghebbende kunstenaars herpositioneren in het kunstleven van hun tijd. In het eerste deel staat de landschapsperceptie van de gebroeders De Cock en Gustave Den Duyts centraal. Aansluitend wordt de figuur van Emile Claus nader toegelicht, en de artistieke raakvlakken van de Astenaar met Georges Buysse, Léon De Smet, Anna De Weert, Modest Huys, Jenny Montigny en Maurice Sys aangeduid. Ook de contemporaine Gentse kunstscène staat in de belangstelling, en aan de prominente rol van de kunstpedagoog Jean Delvin wordt uitgebreid aandacht besteed. Karel van de Woestijne komt in het tweede deel uitgebreid aan het woord. De gevierde dichter was vanzelfsprekend de mentor van de groep rond George Minne, Valerius De Saedeleer en Gustave van de Woestyne, maar dit boek wil ook eer bewijzen aan zijn monumentale journalistieke oeuvre, waarin zijn bewondering voor Gustave De Smet, Constant Permeke, Albert Servaes, Albijn Van den Abeele en Frits Van den Berghe onverminderd klonk. In het derde deel komt de generatie van Hubert Malfait, Jules De Sutter, Albert Saverys, Albert Claeys, Evarist De Buck en Maurice Schelck aan bod, kunstenaars die stuk voor stuk een eigenzinnige visie op het Leieland ontwikkelden, en aan de regio mede de hedendaagse luister verleenden.

Over de auteur : Johan De Smet studeerde Kunstwetenschappen aan de Universiteit Gent. Als specialist in de Belgische kunst voor de periode 1830-1940, werkte hij mee aan belangrijke overzichtstentoonstellingen in binnen- en buitenland. Hij is de auteur van kunstenaars- monografieën over Emile Claus en Modest Huys (samen met Veerle Van Doorne), en publiceerde tal van artikels in tentoonstellingscatalogi en vaktijdschriften.

Technische gegevens :

  • formaat 250x330 mm
  • omvang: 352 bladzijden
  • Beschikbaar in Nederlands en Frans
  • Afwerking: gebonden in vollinnen band, met geplastificeerde stofomslag. Verpakt in krimpfolie.
  • Grafische vormgeving: Geert Verstaen
  • Prijs € 50,00

Dit boek kan besteld worden door overschrijving van €50,00 € op rekening 290-0389000-51 t.n.v. NV Galerij Oscar De Vos met vermelding van uw correcte adresgegevens. Het kunstboek wordt u dan binnen de week zonder bijkomende kosten toegestuurd. Vergeet niet uw taalkeuze te vermelden.

Wenst u dit boek als relatie- of nieuwjaarsgeschenk aan te bieden, dan voorzien wij mooie kortingen vanaf een bestelling van vijf kunstboeken. U kunt hiervoor telefonisch contact opnemen met de galerij via het telefoonnummer +32 (0)9 281 1170.